Criminelen maken steeds meer gebruik van computers en internet. Hackers of moordenaars, de digitale recherche jaagt op ze
09-02-2010Kabels, usb-stekkers, 46 computerschermen, 16 rechercheurs die gespecialiseerd zijn in digitale opsporing, stapels computerbladen en een werkbank met in beslag genomen pc’s. Een miniatuurkerstboom doet dienst als ophangrekje voor cd-roms. Netjes is anders, maar je ziet dat er gewerkt wordt op de afdeling digitale recherche van de politie Haaglanden.
De rechercheurs hebben het druk. In 2007 kregen ze nog 800 onderzoeksaanvragen, dat aantal verdubbelde vorig jaar tot 1.600. En omdat het hoofdkwartier bijna letterlijk uit zijn voegen barst, verhuizen ze later dit jaar. ‘We zijn een van de weinige clubs die de komende tijd nog gaan uitbreiden’, zegt afdelingschef Ruud. ‘De hele maatschappij digitaliseert, van kinderen tot ouderen: iedereen heeft tegenwoordig een computer thuis staan en aan vrijwel elk onderzoek waar je als rechercheur tegenaan loopt zit een digitale component.’
Digitaal rechercheren is dus veel meer dan op hackers jagen. Voor een moord zou de cruciale aanwijzing zomaar ergens in een gewiste e-mail kunnen staan. Criminelen kunnen wel op delete drukken, ‘maar zelfs daarvan halen we 90 procent terug’, zegt rechercheur Ton mysterieus.
Pc’s, mobieltjes, computernetwerken, video-opnames en zelfs auto’s, ze kunnen zomaar de ontbrekende schakel zijn om de zaak opgelost te krijgen. En voor al die zaken wordt aangeklopt bij de digitale recherche.
Lege doos
‘We moeten nu zelfs prioriteit aan een prioriteit geven. Zoveel zaken krijgen we binnen’, zegt Ruud. Dus moeten er keuzes gemaakt worden. ‘Als iemand op Marktplaats een dvd-speler bestelt en een lege doos krijgt is dat voor de betrokkene best een belangrijk onderzoek, maar als wij op dat moment onderzoek doen naar een moord gaat dat voor.’ De digitale rechercheurs hebben het drukker met zaken waarbij de computer als middel is gebruikt bij een misdrijf, dan met zaken die zich puur en alleen in de digitale wereld afspelen zoals hackers die ergens inbreken.
Op de afdeling is het een komen en gaan van agenten. Twee komen videobeelden halen die door videorechercheurs scherper zijn gemaakt. In een hoek zitten drie ‘gewone’ rechercheurs met een digitale rechercheur om te beoordelen of informatie die ze van een pc hebben gehaald relevant is voor het onderzoek. Verder werkt rechercheur Ton, verstopt achter drie schermen, aan een fraudezaak. ‘Ik ben een zoekslag aan het draaien om te kijken of ik bepaalde informatie van de harde schijf kan halen.’
De afdeling maakt deel uit van de Forensische Opsporing: de mannen in witte pakken. Maar die zie je er niet. Hun digitale broers lopen in hun dagelijkse kloffie: geen politiepetten, wapens of blauwe uniformen. Ook geen nerds met puistjes en brillen met jampotglazen. ’We zijn gewoon politiemensen die gespecialiseerd zijn in cybercriminaliteit’, lacht Ruud.
Neem Ton die ‘een digitale bloedgroep’ heeft en al sinds de jaren negentig bij de digitale recherche zit. ‘Binnen het korps ben je toch wel de vreemde eend in de bijt omdat het voor veel mensen toch een beetje abracadabra is.’
Hij is gespecialiseerd in het vertalen van digitale gegevens voor de tactische recherche. Neem vorig jaar toen een oud-leerling van een Haagse school: ‘een malloot’, op een Amerikaans internetforum had geschreven dat hij de leraren en leerlingen van zijn school wel even mores zou gaan leren. Het was vlak na de schietpartij op de Duitse school in Winnenden waarbij zeventien doden vielen.
‘Ik werd op vrijdagavond uit mijn bed gebeld omdat Amerikaanse collega’s hadden doorgegeven van welk IP-adres de bedreiging was gedaan.’ Met collega’s toog Ton naar het huis waaraan het IP-adres gekoppeld was, ‘maar daar deed een keurige dame open die verbaasd was dat er zoveel mannen op haar stoep stonden.’ Bleek dat buren op haar onbeveiligde router hadden ingelogd. ‘Dus wij naar die buren in een studentenhuis en die hadden op hun X-box gewoon de inlogcodes van die vrouw geplakt, maar zij hadden het ook niet gedaan.’ Nadat was uitgezocht welke oud-leerlingen nog meer in de buurt woonden kwamen de rechercheurs uit bij een buurman die zijn Macbook nog open had staan. In die computer trof Ton de unieke hashcode aan waarmee die op dat forum had ingelogd en daarmee konden ze dus aantonen dat de bedreiging vanaf die pc kwam.
‘De grootste kick is als wij met ons digitale werk het ontbrekende puzzelstukje kunnen aanleveren waarmee een zaak kan worden opgelost.’ zegt Ton.
Bron: www.depers.nl
Datum publicatie: 9 februari 2010
« Terug naar overzicht nieuws


