Dienstweigering notaris bij aandelentransactie wegens mogelijk kort geding
02-02-2012Klaagster (K) erft 50% van de aandelen in X BV. De statuten bevatten een aanbiedingsplicht van de aandelen bij overlijden van een aandeelhouder. Het bestuur van X BV vraagt nakoming door K van de aanbiedingsplicht, maar K weigert. K meent dat er voor haar geen aanbiedingsplicht bestaat. X BV verzoekt met een beroep op de door erflater in de statuten verleende onherroepelijke machtiging, notaris (N) de levering van de aandelen op korte termijn te effectueren. K bericht daarop een kort geding te entameren om de voorgenomen aandelentransactie te frustreren. Desondanks zijn de aandelen van K ten overstaan van N geleverd, die heeft gemeend op grond van de statuten zijn dienst niet te kunnen weigeren.
Volgens de Kamer van Toezicht levert de handelwijze van N een verwijtbare handeling op.
Ex art. 17 Wna oefent de notaris zijn ambt uit in onafhankelijkheid en behartigt hij de belangen van alle bij de rechtshandeling betrokken partijen op onpartijdige wijze en met de grootst mogelijke zorgvuldigheid. N stelt onbetwist op verzoek van X BV betrokken te zijn geraakt bij de bedrijfsadvisering van X BV. Op verzoek van X BV heeft N vanuit zijn specifieke notariële/ondernemingsrechtelijke kennis meegedacht over een oplossing voor de impasse waarin X BV sinds jaar en dag verkeerde. N heeft alle relevante stukken van X BV opgevraagd en is volgens de Kamer in casu opgetreden als partijadviseur. Vervolgens is N formeel gaan optreden als notaris in verband met het opstellen en het redigeren van de akte om te komen tot levering van de aandelen. Op dat moment mag N niet meer als partijadviseur optreden. N had dan ook uit hoofde van zijn onpartijdigheid de uitkomst van het kort geding moeten afwachten. Gesteld noch gebleken is waarom de akte met spoed gepasseerd moest worden. Niet in te zien valt dan ook waarom N niet heeft gewacht met het transporteren van de aandelen. Evenmin valt in te zien waarom N partijen niet heeft gewezen op de procedureovereenkomst, waarbij alle aandelen aangeboden dienden te worden, te meer nu de advocaat van K op het bestaan van deze overeenkomst heeft gewezen.
Het hof bekrachtigt de beslissing van de Kamer en legt een schorsing op voor twee weken.
Hof Amsterdam (Notariskamer), 1 maart 2011, RN 2011/113, LJN BS8677 (MvM)
« Terug naar overzicht nieuws


